‘Ik ben nu meer grijs dan zwart wit’

29 juni 2023

Hij was de beoogde opvolger van Van Donge & De Roo, een van de grootste logistieke dienstverleners in de Rotterdamse haven en naamdrager van het voetbalstadion van Excelsior. Asbest gooide iets te letterlijk roet in zijn leven. In zijn reservetijd zet mede-eigenaar Dennis de Roo (44) de laatste puntjes op de i. 

Als geboren Brabander is carnaval niet heilig voor hem. Niet meer althans. ”Ik ga niet ontkennen dat ik nooit de polonaise heb gelopen, dat ik nooit liters bier achterover heb geslagen. Tot 2020 was ik in voor een feestje. Nuchter is carnaval alsof je naar een langspeelplaat luistert.” Dennis de Roo leeft in reservetijd. Die kostbare tijd laat hij niet verloren gaan aan oeverloos gezwets in de kroeg. Zijn prioriteiten liggen bij zijn gezin in Rijsbergen, en bij het familiebedrijf Van Donge & De Roo in Rhoon. Alles is erop gericht om zijn tweeling van 9 jaar de volwassen leeftijd te zien bereiken. Daar moet hij veel voor laten. Zou hij nu vier dagen achter elkaar door het geluid gaan, kan hij een verdere toekomst op zijn verdomde buik schrijven. Een buitenstaander merkt niets aan hem. Dennis de Roo oogt superfit, hij praat onafgebroken. Naar adem hoeft hij niet te happen. ”Ik loop met twee vingers in mijn neus 20 kilometer hard. Twee tot drie keer per week doe ik aan krachttraining. Ik voel me gezond.”

Schijn bedriegt. In september 2020 kreeg hij enorme last van zijn buik. Zijn huisarts vermoedde aanvankelijk dat het aan het ketogeen dieet lag dat hij op dat moment volgde. ”Dat was op dinsdag. Op zaterdag lag ik in het ziekenhuis waar na bloedafname bleek dat mijn ontstekingswaarde 255 was. Die mag hooguit 10 zijn. De oorzaak? Mesothelioom, een terminale vorm van kanker, als direct gevolg van asbest in zijn buikvlies. ‘Ga je begrafenis alvast maar regelen’, zeiden de artsen in koor. Met een prognose van een halfjaar tot een jaar was mijn situatie vrij hopeloos. Dat ik nu nog leef, is een wonder. Ik behoor tot de 20 procent die het langer dan twee jaar volhoudt met mesothelioom. Ik ben nu pijnvrij, ik heb de ziekte redelijk onder controle. Tijdens de chemokuren was dat wel anders. Ik ben een paar keer onderuit geschoffeld. Kans op genezing is er echter niet. Ik hoop dat het uiteindelijk iets chronisch wordt, zodat ik mijn kinderen kan zien opgroeien, maar ik vrees dat dit ijdele hoop is.”

Boos, gefrustreerd, hij is het allemaal geweest, maar hij heeft die negatieve emoties laten varen. ”Vlak voor mijn geboortejaar, 1979, is door de politiek het Asbestbesluit aangenomen. Het gebruik van spuitasbest, het gevaarlijke blauw asbest, was voortaan verboden. In theorie had ik nooit in contact met asbest mogen komen. Klaarblijkelijk heeft het nog heel lang in de lucht gehangen, en is er bij het verwijderen niet overal even zorgvuldig mee omgesprongen. Ik denk te weten waar ik het heb opgelopen, maar ik vertik het om het beschuldigende vingertje uit te steken. Daar schiet ik niets mee op. Gedane zaken nemen geen keer.”

Stress heeft hij sindsdien te vermijden. ”Kanker en stress, dat gaat niet samen. Ik was samen met mijn broertje Sander de beoogde opvolger van mijn vader. Mijn aandeel in Van Donge & De Roo is nog altijd een derde, maar ik zal het bedrijf nooit kunnen overnemen. In de internationale logistiek is het namelijk nooit rustig, je praat over 700.000 containers per jaar waarvoor wij het transport van a tot z regelen. Dan belt die midden in de nacht, dan die. Er is altijd wel iets ergens in de wereld aan de hand. De beslissende factor is nu nog mijn vader, en straks mijn broertje. Ik opereer op de achtergrond. Het is helaas niet anders.”

‘Ik draag in de tijd die ik nog heb liever mijn steentje bij dan dat ik bij de pakken neerzit.’

Zijn rol bij Van Donge & De Roo is groter dan hij nu schetst. Hij is als transportmakelaar nog altijd een bruggenbouwer. Achter de schermen zorgt hij ervoor dat processen nóg vloeiender, nóg efficiënter verlopen. Innovatiever zijn dan de concurrent, dat is de kunst. Zonder de menselijke maat uit het oog te verliezen. ”Ik vind dat wij onze klanten persoonlijk te woord moeten staan. Ik ben niet van de chatfuncties, dat je op een scherm naar een poppetje zit te staren dat alleen maar antwoord kan geven op algemene vragen. Als je hulp nodig hebt, ben je drie chatboxen en twee wachtdagen verder. Boekingsbevestigingen, dat soort zaken, dat hebben wij geautomatiseerd, zodat er tijd overblijft om de telefoon op te pakken of onze klanten zelf te bellen om het proces na te lopen. Getikt komt een boodschap al gauw onduidelijk over. Of je een boekingsbevestiging met de hand verstuurt of automatisch, dat doet niets af aan het persoonlijke contact. Al vind ik dat een handdruk zou moeten volstaan. Dat werkt alleen niet meer zo. Vroeger was echt niet alles beter. Maar in sommige dingen slaan we door. Waarom zou je een klant niet meer voor een opdracht mogen bedanken met een lunch? Live kun je veel gemakkelijker met elkaar op de materie ingaan.”

De kanker heeft hem milder gemaakt, ‘ik ben nu meer grijs dan zwart-wit’. Maar opwinden doet hij zich nog steeds over zaken die niet kloppen. ”Ons hoofdkantoor is gevestigd in Rhoon, we hebben een tweede vestiging met een douanekantoor, expeditieruimte en een depot in het last port of call: Antwerpen. Een vrachtwagen doet er vanuit Rotterdam langer over naar Sittard, dan vanuit Antwerpen. Efficiëntie is niet de enige reden dat we onze grenzen hebben verlegd. Je loopt in Nederland soms tegen regels aan die elders niet gelden. Bepaalde handelsstromen mogen niet via de Rotterdamse haven verlopen. Neem gekweekte zalm uit Noorwegen en Chili. Omdat die gevoed zou zijn met antibiotica steekt de Voedsel- en Warendienst er een stokje voor. We zijn graag het beste jongetje van de klas. Ondertussen ligt diezelfde zalm in de schappen van zowat elke Nederlandse supermarkt. Via Hamburg komt deze vis alsnog ons land binnen. Het is Nederland op z’n kromst.”

Achteroverleunen zit totaal niet in zijn karakter. ”Af en toe trap ik nog in die valkuil. Dat ik mezelf verlies in het werk. Ik heb gelukkig een vrouw die me dat doet laten realiseren, die waar nodig weleens op de rem trapt.”

Zijn begrafenis heeft hij geregeld, op een natuurplaats in Brabant, ‘want als je de statistieken erbij pakt, is mijn situatie vrij uitzichtloos’. Een havenleven afsluiten in de natuur, daarin schuilt een contrast. ”Mijn hart ligt zowel in Rijsbergen als in Rotterdam. Mijn kinderen wonen in Brabant, ze gaan daar naar school. Ik ben naar mijn kinderen toe heel open over mijn ziekte. De wetenschap dat papa niet heel oud zal worden, dat hakt erin. Om die reden willen wij ze niet weghalen uit hun vertrouwde omgeving. Dat zou nog meer onrust geven. Daar waar mijn kinderen zijn, daar wil ik begraven worden. Ik heb behalve een tweeling een zoon van 21. Die leeft in de vrije natuur, hij is zelfvoorzienend. Een geitenwollensokkentype is hij beslist niet. Hij leeft vanuit een bepaalde visie. De tussenvorm waarvoor hij heeft gekozen, dat vind ik een heel mooie. Ik steek niet heel veel anders in elkaar. Op mijn manier sla ik dezelfde brug. Dat op elke nota van Van Donge & De Roo de hoeveelheid CO2-uitstoot van het transport staat vermeld, dat is iets wat uit mijn brein komt. Ik ga de confrontatie niet uit de weg. Zelfs niet nu de dood nadert. Ik draag in de tijd die ik nog heb liever mijn steentje bij dan dat ik bij de pakken neerzit.”

Tekst

Dijlan van Vlimmeren

Beeld

Lennaert Ruinen

Meer artikelen

Water is mijn wereld

29 juni 2023

Maaike Spee is een van de zes vrouwelijke loodsen in de Rotterdamse regio van het Loodswezen. “Water is mijn wereld”, vertelt Maaike Spee enthousiast, en...

Lees het hele artikel

Ik ken iemand… stabiel aan de top?

29 juni 2023

Nu ik langer in Rotterdam werk, word ik vaker uitgenodigd voor feestjes. Zo was ik onlangs bij het jaardiner van Deltalinqs. Daar werden een hoop...

Lees het hele artikel