Hard(t)@work: met liefde voor het familiebedrijf

30 juli 2019

Ilonka Poldervaart (29) en Denise Prins (35) werden vier jaar geleden verrast met een belangrijke vraag van hun vaders: willen jullie ons bedrijf voortzetten? Henk Bothoff en René Prins waren op dat moment al vijftien jaar zakenpartners en eigenaren van Hard(t)@work, een uitzend- en detacheringsbureau voor de haven. “Daar moesten wij best wel even over nadenken”, bekent Poldervaart.

Prins en Poldervaart kenden elkaar nog niet heel goed; beiden waren immers niet bij het bedrijf betrokken. Poldervaart: “We zagen elkaar maar heel af en toe. Na de vraag van onze vaders zijn we uit eten gegaan en hebben een avond lang gepraat en het voorstel besproken. Tot onze verbazing merkten we direct dat we op een lijn zaten en dezelfde ambities hadden.”

Prins vertelt dat de beslissing dezelfde avond nog werd genomen. “We keken elkaar aan en zeiden tegen elkaar: we gaan het gewoon doen. Er was namelijk direct het vertrouwen dat de samenwerking succesvol zou zijn.”

Verbeteren

De vaders dragen de dagelijkse leiding steeds meer over aan Poldervaart en Prins. Zij voelen zich verantwoordelijk om het bedrijf voort te zetten en te verbeteren. Hard(t)@work heeft een stabiel team medewerkers dat zij uitzenden en detacheren – sommigen al meer dan twaalf jaar. Eerste prioriteit was om deze groep te behouden: “Wij willen een grote samenwerkingspartner van havenbedrijven worden”, legt Prins uit. “Daarvoor hebben wij de kennis en kwaliteiten van onze huidige medewerkers hard nodig. In de haven is de uitstroom van personeel op dit moment namelijk hoger dan de instroom. Zelfs via scholingskanalen los je dit verschil niet op. Daarom hebben wij ervoor gekozen om ook met gemotiveerde medewerkers buiten de haven te werken. Zij worden op hun eigen tempo door onze ervaren medewerkers opgeleid. Zij kennen de werkomstandigheden namelijk het beste.”

De nieuwe manier van werken vraagt flexibiliteit, zowel van medewerkers als van klanten. Om de kwaliteit te waarborgen hebben Poldervaart en Prins contact met de medewerkers en klanten. Poldervaart detacheert zichzelf ook als operationeel manager en is vaak in de haven te vinden. Daar kan zij de werkomstandigheden met eigen ogen zien. Op meer dan tien locaties worden verschillende functies uitgevoerd. Het gaat vaak om fysiek zwaar werk. Denk aan heftruckchauffeurs, kraanmachinisten, stuwadoors en riggers.

Met eigen ogen

“Onze aanwezigheid in de haven is erg belangrijk”, stelt Poldervaart. “Het werk in de haven is op momenten risicovol. Veiligheid is dus een erg belangrijk aspect. Wij willen dan ook met eigen ogen zien dat de werkomstandigheden veilig zijn. Ik vraag onze medewerkers wat er goed gaat, welke werkzaamheden zij leuk vinden en of wij bij bepaalde zaken kunnen helpen.” Deze aanpak vraagt veel begeleiding, maar levert ook veel op: “Door de persoonlijke betrokkenheid worden mensen aangemoedigd om open met ons te communiceren. Dat geldt ook voor onze klanten.”

‘De niet-lullen-maar-poetsen-mentaliteit is belangrijk, maar wij willen ook dat nieuw personeel goed voorbereid van start gaat’

“Wij zijn heel trots op de kennis en kwaliteiten van de medewerkers van Hard(t)@work”, valt Prins haar partner bij. “Dat is dan ook de reden dat wij onze medewerkers verantwoordelijk hebben gemaakt voor het opleiden van de nieuwe garde.”

De introductie van deze aanpak ging niet zonder slag of stoot: “Het opleiden vraagt veel tijd en geduld. Daarbij wil een deel van de groep nog niet aan vervanging denken, terwijl het zware werk op hoge leeftijd moeilijk vol te houden is. Wij hebben een aantal medewerkers echt moeten overtuigen dat hun inzet nodig was. De niet-lullen-maar-poetsen-mentaliteit is belangrijk, maar wij willen ook dat nieuw personeel goed voorbereid van start gaat.”

Botsingen

Poldervaart vertelt dat zij samen met Prins vastbesloten is Hard(t)@work naar een hoger niveau te tillen. “Deze vorm van opleiding is voor ons de basis voor groei. Medewerkers worden meer allround en de kwaliteit blijft hoog. Ze voelen zich ook vrij om mee te denken. Door al deze zaken krijgen zij ook steeds leukere klussen – dat is belangrijk, want er zijn namelijk nog steeds veel vooroordelen over werk in de haven. Er wordt vaak gedacht aan vies en simpel werk terwijl er in de haven veel kennis en kwaliteit is. Het werk lijkt misschien makkelijk, maar om een lading staal te lossen moet je echt wel weten wat je doet. Als je dat goed kan, mag je daar dus ook heel trots op zijn.”

Lef en ambitie brachten Poldervaart en Prins waar zij nu zijn. Hun samenwerking verloopt soepel en zij weten elkaar in de werkzaamheden goed aan te vullen. Prins: “We wilden de nalatenschap van onze vaders eren. Toch waren er zaken die anno 2019 echt anders moesten en onze ideeën leverden soms botsingen op. Sommige zaken werden nou eenmaal heel lang op dezelfde manier gedaan. Probeer dat dan maar te veranderen.” Lachend: “Wij hebben onze vaders moeten overtuigen van onze visie. Dat vergde geduld. Gelukkig krijgen wij ze uiteindelijk altijd mee.”

Plek verdienen

Poldervaart heeft in de door mannen gedomineerde haven niet al te veel last van vooroordelen gehad, vertelt ze. “Je moet uiteraard wel weten waar je het over hebt. In het begin werden wij getest. Als klanten merken dat je verstand van zaken hebt, vinden ze het eigenlijk wel fijn dat er meer balans in de mannenwereld komt.”

Ook ten opzichte van de eigen medewerkers hebben de dames zichzelf moeten bewijzen. “Mijn vader fungeerde ook als meewerkend voorman en was dus onderdeel van de groep”, zegt Poldervaart. “Wij hebben onze plek echt moeten verdienen. Wanneer wij iemand vroegen om over te werken, werd er net iets makkelijker ‘nee’ gezegd dan wanneer mijn vader dat zou vragen. Nu iedereen aan de situatie gewend is, zijn wij allemaal enthousiast. Als ik terugkijk, had ik als tiener zeker voor de havenvakschool gekozen. De haven is voor veel jongeren en vrouwen onbekend terrein. Dat is jammer. Het is een dynamische, diverse en daardoor aantrekkelijke werkomgeving. Werken in de haven is nooit saai. Je hebt te maken met verschillende en complexe ladingen, omslaand weer en ga zo maar door. De haven verandert elk uur.”

‘Wij hebben onze plek moeten verdienen. Wanneer wij iemand vroegen om over te werken, werd er net iets makkelijker ‘nee’ gezegd dan wanneer mijn vader dat zou vragen’

Prins zou het heel leuk vinden als er meer vrouwen in de haven kwamen werken. “We merken dat de mannen in de haven het ook toejuichen; een nieuwe beweging met nieuwe energie”, merkt ze op. Ook zij voelt zich helemaal op haar plek in de haven. “Er wordt heel hard gewerkt en ik ben heel trots op onze medewerkers, zonder hen zouden wij dit niet kunnen doen. Wij willen een flexibele en betrouwbare samenwerkingspartner voor de haven zijn. Voor de flexibiliteit zijn wij afhankelijk van de loyaliteit van onze medewerkers. Hun inzet is immens waardevol voor ons bedrijf.”

Tekst

Rebecca Sigmond

Beeld

Luc Büthker

Meer artikelen

Het groene gras van Slavenburg & Huyser

30 juli 2019

Dit jaar viert Slavenburg & Huyser, cargadoor en logistiek dienstverlener, zijn zeventigjarig jubileum. Al sinds 1949 brengt het bedrijf verladers en reders bij elkaar, al...

Lees het hele artikel

Rotterdamse luchthaven als proeftuin voor innovatieve projecten

30 juli 2019

Rotterdam The Hague Airport (RTHA) wil in 2025 volledig energie-zelfvoorzienend zijn en 15% minder stroom verbruiken dan nu. Hoe ze dat wil bereiken? Door de...

Lees het hele artikel